Binnen de regio wordt gewerkt aan een beleidskader om mensenhandel beter te kunnen bestrijden. Dat laat het college van Alkmaar weten in antwoorden op vragen van de ChristenUnie. Een van de grootste uitdagingen is dat slachtoffers vaak geen melding durven te doen.

Het Centrum tegen Kinderhandel en Mensenhandel onderzocht mensenhandel en ander vormen van criminele uitbuiting in dertien (middel-) grote gemeenten, waaronder Alkmaar. Uit een enquête onder eerstelijns hulpverleners met 1.700 respondenten concludeert het CKM dat er in deze gemeenten meer dan 2.500 slachtoffers zijn. De politie weet echter van slechts 68 gevallen in het hele land. Sinds januari 2021 zijn in Alkmaar vier slachtoffers bekend.

Een tweede uitdaging in de aanpak is dat slachtoffer- en daderschap veelal door elkaar lopen, aldus het Alkmaarse college. "Dit maakt een juiste registratie ingewikkeld. Net als bij andere vormen van uitbuiting en mensenhandel kan het zijn dat iets vrijwillig begint, maar zich ontwikkelt naar afhankelijkheid en uitbuiting". Een goed voorbeeld daarvan is hoe loverboys te werk gaan, maar denk ook aan criminelen die jongeren ronselen voor drugshandel of katvangen, om ze daarna niet meer los te laten. Dat ronselen gebeurt doorgaans online, op school en op straat.

Op dit moment zijn gemeenten verbonden aan de hulporganisaties Levvel, Horizon en Comensha en hebben ze goede contacten met Scharlaken, Koord en het Leger des Heils. Bovendien zijn de Alkmaarse wijkteams getraind door HVO Querido om signalen van uitbuiting te herkennen, en wordt ieder bekend geval besproken in het Zorg- en Veiligheidshuis NHN, waar integraal wordt gekeken naar de situatie en de beste aanpak.

Naar verwachting wordt in de eerste helft van komend jaar meer duidelijk over het regionale beleidskader tegen mensenhandel.
Pin It
Bekeken: 1786x